|
Amper 57 procent van jonge gezinnen in Rand spreekt Nederlands!
Het gaat achteruit met de Nederlandse taal in het arrondissement Halle-Vilvoorde. Dat blijkt uit een studie van het Vlaamse tijdschrift Doorbraak. 'Ik ben niet verrast', reageert Mark Demesmaeker.
Het Vlaamse tijdschrift Doorbraak voerde een studie uit op basis van verslagen van Kind en Gezin en de aanslagbiljetten voor de personenbelastingen. Daaruit kwamen verontrustende cijfergegevens. Amper 57 procent van de jonge koppels met kinderen in het arrondissement Halle-Vilvoorde gebruikt het Nederlands als moedertaal. In 26 procent van deze gezinnen domineert het Frans. 'Ik val niet omver van deze cijfers', zegt Vlaams volksvertegenwoordiger Mark Demesmaeker (N-VA). 'Ze liggen helemaal in de lijn van de cijfers die we bijvoorbeeld ook van de VDAB krijgen. In Halle-Vilvoorde is 50 procent van de werklozen anderstalig. Ook de cijfers in het onderwijs tonen dezelfde ontnederlandsing van de Rand. In Halle zijn er al scholen waar nog maar de helft van de kinderen thuis Nederlands praten.'
Taallessen
'De grote oorzaak ligt in een sociologische evolutie die aan de gang is. Brussel deint uit door een stijgend aantal inwoners in de hoofdstad en door een groeiende internationalisering', aldus Demesmaeker. 'Voor de problemen die dat met zich meebrengt, zoals het verfransen van de Vlaamse Rand, is een sterk onthaal- en integratiebeleid nodig. Het is jammer dat we momenteel in een moeilijke economische periode leven, want hier is extra geld zeker nodig. Dat geld is er nu helaas niet omdat er overal wordt bespaard. Concreet heeft de Rand een sterkere omkadering in het onderwijs nodig om al die anderstalige leerlingen op te vangen. Daarnaast is er ook nood aan bijkomende taallessen voor anderstaligen. De huidige cursussen zitten vol. Er zijn zelfs wachtlijsten voor.'
Arbeidsintensief
'Uiteraard moeten we als Vlaming in de rand ook meer op onze strepen staan. Het is een feit dat wij in winkels en dergelijke te snel overschakelen op een andere taal als we horen dat de gesprekspartner het Nederlands niet als moedertaal heeft', aldus Mark Demesmaeker. 'Eigenlijk bewijzen we de Franstaligen daar geen dienst mee. Integendeel, want we geven hen geen kans het Nederlands te oefenen. Anderzijds is er ook een verschil in benadering van mensen die hier als buitenlander gewoon als toerist komen en zij die hier al jaren uit vrije wil wonen.'
'In Halle voeren we een heel actief beleid in het Nederlandstalig houden van het straatbeeld. We schrijven ontelbare brieven naar bedrijven en zelfstandigen om hen te overtuigen het Nederlands te gebruiken. Het is enorm arbeidsintensief, maar het werkt wel', besluit Demesmaeker.
Uit het Nieuwsblad van 23 januari 2010.
|